Biografie Lonny

Het eigen levensverhaal van Lonny Gerungan
“Van afwasser tot televisiekok”

Al enkele jaren is Lonny Gerungan in Nederland en België een bekende televisiekok. Als samensteller en presentator van de culinaire televisieserie ‘De Reistafel’ leerde het grote publiek hem kennen. Voordat hij zijn televisiedebuut maakte, runde hij in Amsterdam jarenlang een eigen Indonesisch specialiteitenrestaurant. Geboren en getogen op Bali kwam Lonny Gerungan op 21-jarige leeftijd naar Nederland. Omdat hij toen de Nederlandse taal nog niet machtig was, verdiende hij de eerste tijd in zijn nieuwe vaderland de kost als afwasser! Dit is Lonny’s eigen levensverhaal…

Viagra bestellen

Wilt u meer lezen over Sildenafil of wilt u online Viagra kopen of Viagra bestellen? Bekijk dan de volgende pagina op deze website: Viagra zonder recept.

Balinees in hart en nieren

“Bali heeft in de loop der eeuwen tal van bijnamen gekregen, zoals ‘Eiland der Goden’ en ‘Paradijs op Aarde’. Ik ben er geboren. De eerste jaren van mijn leven heb ik er nooit bij stilgestaan dat ik op zo’n bijzondere plek ter wereld kwam. Hoe speciaal Bali is ging ik me pas realiseren toen ik het eiland had verlaten en in Nederland was om een nieuwe toekomst op te bouwen. Toen pas ging ik beseffen dat Bali werkelijk een uniek stukje van de wereld is. En toen ik na mijn verblijf in Europa (een droom voor veel Indonesiërs) weer terugkwam op Bali zag ik eigenlijk pas goed hoe mooi en hoe bijzonder Bali is. De groene sawahs, de kleurige bloemen, de karakteristieke tempels en de wuivende palmbomen: waar ter wereld zijn ze mooier dan op Bali? Ach… ik wil dit alles niet romantiseren, maar ik wil toch ook niet verbergen dat ik er trots op ben. In hart en nieren ben ik altijd Balinees gebleven. Ik kan me vinden in de cultuur van Bali. Maar tegelijkertijd voel ik me ook thuis in Sulawesi en heb ik een sterke band met de Molukken. Mijn familie van moeders zijde komt oorspronkelijk uit Ambon, die van mijn vader uit Manado dat in het vroegere Noord Celebes ligt.”

Bali Hotel

“Mijn ‘roots’ liggen in het ‘Bali Hotel’ in het centrum van Denpasar, de hoofdstad van mijn geboorte-eiland. Ik ben geboren in de kamer die tegenwoordig onderdak biedt aan de administratie van het hotel. In de grote keuken maakte ik al heel vroeg kennis met het vak dat later mijn leven zou gaan beheersen. Mijn vader John Gerungan zwaaide er de scepter. Hij kende veel lekkere recepten. Hij was door de Koninklijke Paketvaart Maatschappij aangetrokken met de opdracht er zorg voor te dragen dat het de gasten van het toen zo imposante hotel aan niets ontbrak. Mijn vader vond het een hele eer zich chef-kok van het ‘Bali Hotel’ te mogen noemen, ondanks dat hij hiervoor geen officiële opleiding had kunnen volgen, want die bestond destijds in Indonesië niet. Zijn talent voor koken had mijn vader van zijn ouders geërfd. Al jaren voordat hij in 1942 deze functie kreeg aangeboden, werkte hij als keukenhulp op de A. Tasman, een van de schepen van de KPM. Hij was toen twintig jaar. Sindsdien is mijn vader niet meer weg gegaan bij de KPM. Hij werkte op verschillende andere schepen. In 1939 werd hij benoemd tot kok in het ‘Bali Hotel’ en drie jaar later mocht hij zich chef-kok noemen. In de familie en ook in zijn vrienden- en kennissenkring kreeg mijn vader door die benoeming veel aanzien. Hij was namelijk de eerste Indonesische chef-kok die het in het ‘Bali Hotel’ voor het zeggen kreeg en dat hij mocht koken voor mensen uit andere landen en zelfs uit andere werelddelen, dat was in die tijd uniek.

In de jaren ervoor was de leiding in de keuken altijd in handen geweest van een Nederlandse chef-kok. Het ‘Bali Hotel’ was het eerste hotel dat voldeed aan de westerse normen en dat het comfort bood dat de Europese gasten verwachten. Het mocht ook vele VIPS en beroemdheden tot zijn gasten rekenen. Niet alleen zij, maar ook andere gasten die hier logeerden waren in de meeste gevallen niet onbemiddeld: je moest wel rijk zijn om een lange trip naar Bali te kunnen bekostigen. De prijzen die het hotel hanteerde waren in de ogen van de gemiddelde Balinees onbetaalbaar. Een tweepersoonskamer kostte in de jaren vijftig zevenenhalve dollar per nacht. Dat was meer dan een Balinees in een maand verdiende. Voor een rijsttafel werd drieënhalve dollar per persoon gerekend. De menukaart vermeldde bedragen, waarvan de plaatselijke bevolking alleen maar kon dromen. In het ‘Bali Hotel’ heerste toen de sfeer die te vergelijken is met die in het mondainere Zuid-Frankrijk of het peperdure Spaanse Marbella van nu. Een baan in het ‘Bali Hotel’ betekende vrijwel altijd een riant inkomen. Naast het ‘normale’ salaris dat al hoger was dan menig ander bedrijf betaalde, kreeg ieder personeelslid regelmatig een fikse fooi van de gasten. Werken bij het ‘Bali Hotel’ was voor veel Balinezen ook de eerste kennismaking met de westerse wereld. De kamers waren van alle gemakken voorzien, zelfs van een westers toilet en een bad! Gemiddeld werd het hotel in die jaren per maand door zo’n honderd internationale gasten bezocht. In het restaurant, waarvan iedereen onder de indruk was, werden dansvoorstellingen gegeven. De gasten van het ‘Bali Hotel’ waren de eerste toeristen, die naar huis gingen met houtsnijwerk, schilderijen en andere door Balinezen gemaakte kunstvoorwerpen die nu over de hele wereld beroemd zijn.”

Internationale beroemdheden in het ‘Bali Hotel’

“In de jaren dat mijn vader in de grote keuken de scepter zwaaide heeft hij regelmatig gekookt voor internationale beroemdheden, zoals voor de voormalige president Soekarno en voor prinses Juliana en prins Bernhard. Ook Fred Astaire, Charlie Chaplin en Marlon Brando genoten van de gerechten die mijn vader hun serveerde. Aan laatstgenoemde filmster heb ik mijn officiële voornaam te danken. Marlon Brando maakte zo’n indruk op mijn vader dat hij hem bij zijn vertrek beloofde zijn vierde kind dat op komst was naar hem te vernoemen. Tenminste als het een zoon werd! Als Marlon Gerungan werd ik op 4 mei 1956 bij de burgerlijke stand op het stadhuis van Denpasar ingeschreven. Ik werd drie maanden vroeger geboren dan verwacht. Mijn moeder, Antoinette Roemahlaiselan, raakte betrokken bij een ongeluk met de dokar (paard en wagen) waarmee ze naar de pasar was gegaan om inkopen te doen. Thuisgekomen zette de bevalling in. Hoewel mijn toestand aanvankelijk heel kritiek was, heb ik het gehaald. In deze omgeving heb ik genoten van een fijne jeugd.”

Liefde voor het koken

“Met mijn broertjes en zusjes werd ik omringd door luxe, waarvan mijn leeftijdgenootjes alleen maar konden dromen. In de weekends gingen we met onze ouders vaak naar een dependance van het hotel aan het strand. Mijn vader genoot van zijn werk, zoals ik dat nu ook nog altijd doe. De liefde voor het koken heb ik duidelijk van hem meegekregen. Als kleine jongen was ik al heel vaak in de keuken van mijn vader te vinden. Zijn werk boeide me enorm en ik vond het geweldig als ik hem mocht helpen. Mijn moeder kon ook goed koken en deed dat ook graag! Zij experimenteerde veel en maakte zich de bereiding van typische Balinese gerechten eigen. De receptuur kreeg ze vooral van het lagere personeel, dat door de hotelleiding uit de kampongs was aangetrokken. Receptuur die je ook terugvindt in mijn kookboek over de Balinese keuken. Na het overlijden van mijn vader begon mijn moeder haar eigen restaurant zodat ze in haar onderhoud kon voorzien. Zij speelde later een grote rol in mijn ontwikkeling als kok en restauranteigenaar.”

Van Indonesië naar Nederland

“Als jongen was ik al avontuurlijk aangelegd. Toen ik eenentwintig was en ik er mijn schoolopleiding op had zitten wilde ik meer van de wereld zien. Ik vatte het plan op naar Amerika te gaan. Als tussenstation besloot ik Nederland aan te doen wat erg voor de hand lag want Indonesië heeft historische banden met Nederland. Bovendien was de reis naar Nederland minder ver dan die naar Amerika. In Nederland werd je toen bovendien gemakkelijker toegelaten dan in Amerika waarvoor je een visum nodig had, dat niet zo eenvoudig te krijgen was. Ik belandde in Amsterdam, waar een nicht van mijn vader woonde. Zij ving mij de eerste tijd op. Ik sprak geen woord Nederlands, waardoor het erg moeilijk was hier een behoorlijke job te krijgen. Ik solliciteerde voor de baan als afwasser bij een Indonesisch restaurant in Amsterdam, waar ik werd aangenomen. Van mijn collega’s leerde ik elke dag nieuwe Nederlandse woorden. Ik had het in Nederland zo naar mijn zin, dat ik mijn moeder overhaalde ook over te komen. Ik zocht voor haar onderdak en ze mocht ook direct in de keuken van het restaurant komen werken, waar ik mijn eerste baan had gekregen. Mijn moeder was dankzij haar enorme kennis van de Indonesische keuken een enorm goede aanvulling op al het aanwezige personeel. Naarmate ik het Nederlands beter ging beheersen klom ik op. Acht jaar na mijn aankomst mocht ik me de bedrijfsleider en gastheer van het restaurant noemen. Een jaar later besloot ik, samen met mijn moeder en mijn jongere zusje Suzan (die ik ook had overgehaald naar Nederland te komen), mijn eigen restaurant in Amsterdam te beginnen. Omdat alle vaste gasten van het restaurant waar ik zolang had gewerkt me kenden als Lonny, besloot ik mijn eerste eigen zaak die naam te geven.”

Eigen Indonesisch specialiteitenrestaurant

“Bijna vijftien jaar lang heb ik in Amsterdam mijn eigen Indonesisch specialiteitenrestaurant gerund. Ik serveerde er uitsluitend originele en authentieke gerechten uit mijn geboorteland en paste de receptuur niet aan de westerse smaak aan. Ik wilde ook graag dat mijn gasten in de juiste ambiance vertoefden als ze bij mij op bezoek waren. Daarom richtte ik mijn restaurant helemaal Balinees in. Wat ik van mijn ouders had geleerd kon ik hier zonder problemen in praktijk brengen. Ik zorgde ervoor dat alle gerechten feestelijk en aantrekkelijk werden gepresenteerd. Koken is in de loop van de tijd mijn leven geworden.”

Regelmatig naar Indonesië

“Ofschoon ik mijn restaurant van de hand heb gedaan en heb verruild voor het schrijven van kookboeken en het samenstellen van televisieprogramma’s over de Indonesische en de Aziatische keuken, kook ik nog altijd graag. Ook ga ik dikwijls terug naar Indonesië om daar met familieleden te praten over de receptuur die zij van hun voorouders erfden. Iedere keer wanneer ik op Bali kom ga ik altijd even naar het hotel waar ooit mijn carrière als kok is begonnen en ik voel me er nog altijd thuis. Ik kan het niet laten om dan ook nog even mijn neus om de hoek van de keuken te steken. Het is in het ‘Bali Hotel’ nu veel stiller dan vroeger. Toeristen komen er nauwelijks meer. Zij gaan liever naar de ultramoderne hotels en bungalowcomplexen aan zee. Het wordt nu eigenlijk alleen nog maar bezocht door Indonesische zakenmensen, die onderweg zijn. In het hotel is maar weinig veranderd. De tijd heeft stilgestaan.

Vandaar dat er nog altijd veel dingen zijn die mij aan mijn jeugd op Bali herinneren. Ook gebleven is de beroemde rijsttafel, die er nog altijd voor de bezoekers wordt geserveerd. Ook dat is niet veranderd. Wat ik erg leuk vind is dat ik bij elk bezoek aan het ‘Bali Hotel’ van het personeel te horen krijg dat er geen week voorbij gaat of er staan Nederlandse toeristen bij de receptie die vragen of ze een blikje in de keuken mogen werpen. Op televisie in Nederland hebben ze beelden van het hotel gezien en in mijn boeken hebben ze over mijn jeugd gelezen. Ze willen met eigen ogen zien waar mijn carrière als kok is begonnen. Het personeel van het ‘Bali Hotel’ ontvangt die Nederlanders altijd heel gastvrij. Natuurlijk mogen ze een kijkje in de keuken nemen en als ze daar zijn geweest worden ze ook nog altijd meegenomen naar de kamer, waarin ik ben geboren!” Door een gezonde levensstijl aan te houden blijft je libido op peil en heb je geen Viagra of Cialis nodig. Gezond eten is natuurlijk belangrijk. Maar ook het regelmatig bewegen en niet roken helpen bij aan een gezond en vrij leven.

Bekijk hier een Youtube filmpje waarin Lonny een recept met u deelt om heerlijke Nasigoreng te bereiden. Indien u op Youtube zoekt met “lonny recept” vindt u vele andere smaakvolle recepten. En nou weer terug naar Viagra bestellen.